Column: Restaurant

Buiten lag sneeuw. Ik trok mijn laarzen aan en stapte in de auto. Twee minuten later meldde noemde ik mijn naam aan de balie van het restaurant. Het meisje liep mee en zette de prachtig opgemaakte borden in mijn kofferbak. Thuis stond de wijn al te luchten.

Column: Prik (2)

We kunnen onderhand een handeltje beginnen in coronavaccins. Zo veel mensen boden Job ‘hun’ prik aan de afgelopen week. Aanleiding was een column over onze gehandicapte zoon die volgens de overheidsregels niet in aanmerking komt voor een vaccinatie. Terwijl we er zo naar hadden uitgekeken.

Column: Prik

In het holst van de nacht fiets ik naar het ziekenhuis. Met een mondkapje op sluip ik langs de portier. Binnen verstop ik mijn winterjas en hul me in een operatiekleed. Zo onopvallend mogelijk wandel ik op blote voeten door de gangen.

Column: Aisha

Maandagmiddag was ik op weg naar zee. Langs de A9 doemde plotseling Schiphol op. Boven de autobaan hing een vliegtuig. Ik moest oppassen niet van de weg te raken, zo graag wilde ik kijken naar die gespreide vleugels en de wielen die als de klauwen van een buizerd op me af kwamen. Het was een beeld uit vervlogen tijden.

Column: Testuitslag

Sinds maart spookt door mijn hoofd hoe eng het zou zijn als Job werd besmet met corona – hij zou er weleens aan kunnen bezwijken. Ik zag hem al in het ziekenhuis liggen aan slangen en snoeren. Daarvoor is weinig fantasie nodig, we weten precies hoe dat is.

Column: 48 uur

‘Twee boterhammen met hagelslag graag.’ Tien minuten na het Whatsapp-bericht van mijn man zet ik het ontbijt voor de slaapkamerdeur. Ik roep dat hij maar smakelijk moet eten. Hij rochelt iets onverstaanbaars terug. Spannende tijden in huize H. Robs kersverse griep kán corona zijn.

Column: Zieke Sint

Sinterklaas is ziek. Waar ik me als kleuter toch wel zorgen zou hebben gemaakt bij zo’n tegenvaller, neemt Job het ter kennisgeving aan. Sinds we weken geleden vertelden dat de kindervriend dit jaar wegens corona in Spanje moest blijven, heeft onze zoon het niet meer over hem gehad.

Column: Prijsuitreiking

In mijn galajurk groet ik de genodigden. Een beetje nerveus lach ik naar alle vertrouwde gezichten van vrienden, collega’s en familie. Als de muziek is uitgespeeld, beklim ik de kansel. ‘Dit is de allermooiste dag van mijn schrijverscarrière’, begin ik mijn dankwoord. Ik schiet vol en een luid applaus vult de Grote Kerk.

Column: Crash test mummy

Ik tik deze column met twee verschillende laarzen aan. De linker is bruin en smal, rechts heeft paarse veters en een nepbontje aan de binnenkant.
Het is belangrijk dat ik zo min mogelijk beweeg. Soms wriemel ik even met mijn tenen, maar opstaan is uit den boze. Job loopt immers ook niet.