Column: Eerste schooldag

Jobs eerste schooldag. Eerder dan afgesproken loop ik het klaslokaal binnen. Vier uitgezakte juffen hebben zich verschanst in een glazen ruimte. Zo kunnen ze de kinderen goed in de gaten houden, zeggen ze, maar niemand let op. Over de vloer kruipen leerlingen, sommige hangen op kapotte houten stoelen. Job ligt in een hoek op de grond, helemaal alleen.

Column: Vierdaagselopers

Waarom is Job zo populair bij Vierdaagselopers? Massaal stoppen ze bij het jongetje in de rolstoel, gaan door de knieën, graven in hun rugzak en halen een speldje, sticker of gladiool tevoorschijn. De vraag houdt me bezig. In het dagelijks leven stoppen wandelaars nooit voor Job, terwijl hij dan vaak ook applaudisseert. Op straat kijken mensen zelden naar ’m. Dat wil zeggen: ze dóen of ze niet kijken. Maar als het Vierdaagse is, komen ze recht op hem af.

Column: Biertje

Mijn vader was geen kroegtijger, maar had wel een ideaal: als zijn kinderen groot waren, wilde hij een biertje met ze kunnen drinken. Toen ik 18 was, nam hij me voor het eerst mee op motorvakantie. Overdag zat ik achterop en ’s avonds naast hem in de hotelbar. We hebben het nog vaak over onze reizen. Ik weet zeker dat die herinneringen tot zijn mooiste behoren.

Column: Groot

‘Moet je zien!’ zeg ik tegen Rob als ik voor hem ga staan. ‘Wat heb ik aan?’ Hij kijkt op van zijn schilderwerk. ‘De jas van Job.’ ‘Ja! De jas van Job. Die past mij dus.’ Mijn man schildert stoïcijns verder, mompelend dat het jasje wel wat krap zit. Ik druip af, richting spiegel waar ik mezelf nog eens bekijk. Niks krap, gewoon een nauwsluitend jasje.

Column: App

Mijn moeder zit op WhatsApp. Eerst niet, nu wel. Voorheen ging mijn vader over de nieuwsvoorziening van persbureau Haverkamp. Hij stuurde foto’s van het camperbusje, de bloeiende bloembakken en de ooievaars op de kerk – ze hebben jongen. ‘Ik wilde mezelf niet buitensluiten’, verklaart mama. Dus ging ze op cursus in het dorpshuis, gewapend met de tweedehands smartphone die ze van haar schoondochter had gekregen.