Fictiedebuut: De achtste dag

Half maart 2019 verschijnt de debuutroman van Annemarie Haverkamp: De achtste dag. In een verlaten grenslandschap aan een rivier woont timmerman Egbert met zijn gehandicapte zoon Adam, voor wie hij alleen de zorg draagt nadat zijn vrouw Emma is overleden. Wanneer Egbert hoort dat hij nog maar kort te leven heeft, moet hij noodgedwongen nadenken over de toekomst van zijn zoon.

Column: Jezus

Job volhardt in zijn tweede ‘ik ben Elvis’-fase. Het glitterpak slingert nu standaard door de woonkamer, zodat we hem er bij hoge nood direct in kunnen hijsen. De zwarte rock-’n-rollpruik ligt als een slapende kat in de vensterbank. “Wees blij”, reageerde een moeder van een ander gehandicapt kind op mijn verhaal. “Wij zitten weer in de Jezus-fase.”

Column: Bed

Oh, dat bed! Elke ochtend stappen we er vloekend uit. Kijken ernaar of het middeleeuws martelapparaat is. Kermend strekken we onze stijve lijven.
De andere bedden in het appartement hebben we ook geprobeerd: allemaal even beroerd. De uitstulpende springveren vormen en stekend patroon waar het lichaam zich tussen moet zien te wurmen.

Column: Koffers

Ons huis is een pakhuis van koffers. Job slalomt er in zijn rolstoel tussendoor, roepend wat er allemaal mee moet.
“De iPad!”
“De iPad!”
“De iPad!”

Intussen pakken zijn ouders de essentiële dingen in. Reservebinnenband voor de rolstoel, plakset, fietspomp, 64 luiers, 66 flesjes drinkvoeding, 14 calciumtabletten, 11 slabbers, 2 zwembroeken, 1 staafmixer, 1 scheerapparaat.

Column: Engels

Als Job (15) op donderdagochtend de klas binnenkomt, vraagt hij al of hij naar Engelse les mag. Het is zijn favoriet. Hij volgt een uur per week les in een andere groep. “Hij rijdt er zelf heen in zijn rolstoel en klopt dan op de deur”, zegt de juf.
Ik ben stomverbaasd. Job is dodelijk verlegen. Doet hij dat echt?
“Ja, echt.”

Column: Zorgen (2)

“Ik hoef niet te hoesten mama”, zegt Job met hese stem. “Ik ben beter.” Op bed zit een manneke dat de halve nacht heeft wakker gelegen van zijn eigen geblaf. Mijn kind is hartstikke ziek, ik heb de juf al ingelicht. Maar Job is er klaar mee.

Column: Zorgen

Wat is er toch met Job? Op school praat ik met de juffen, ook zij maken zich zorgen. Job is moe, veel te moe. Vroeger wilde hij in de klas nog wel eens dansen, liet hij zich aan zijn handen optrekken uit de rolstoel om enthousiast mee te bewegen. Nu blijft hij altijd zitten, zegt de juf.

Column: Slapen

Een van de beste dingen van een vakantie zonder Job is slapen. Het zit ’m niet in de lengte van de nachtrust, maar in de diepte. Slapen zonder alert te hoeven zijn. Niet wakker schrikken van een snurk, een kreun of een huil. Of erger nog: naast je bed staan omdat het op de andere kamer zo stil is. Eng stil.